Insidertips vanuit Berlijn

Het Stasi-archief – een chaos van miljoenen dossiers en snippers

Elke eerste dinsdag van de maand gratis te bezoeken
,
1
Home » Het Stasi-archief – een chaos van miljoenen dossiers en snippers

Buiten is het fris, ietwat regenachtig. Binnen heerst grote bedrijvigheid, een spoor van lichte paniek zelfs. Duizenden dossiers worden zonder aandacht uit de talloze bakken getrokken en gehaast op karren, palletpompen in kruiwagens gehesen. Het is laat op de avond, maar de bleke tl-buizen geven genoeg licht. In de lange grijze gangen staan overal deuren open, papieren liggen op de grond. In de vele kleine kantoren ratelen tientallen papierversnipperaars, terwijl medewerkers koortsachtig door stapels dossiers bladeren en bekijken welke dossiers als eerste door de versnipperaar moeten gaan. Op de grond liggen nog meer dossiers, papieren, stapels dozen met toondragers, foto’s en meer. Stevige jonge kerels dragen grote papieren zakken met snippers uit de talloze kantoortjes en voeren ze weg, onder toeziend oog van zichtbaar gestresste bevelhebbers.

Als ik bedenk hoe het op het hoofdkwartier van de Stasi in Lichtenberg er aan toe moet zijn gegaan, in de eerste dagen na de Wende in november ’89. Stasi-baas Erich Mielke was dan wel afgetreden, een paar weken eerder in oktober, maar hij had via zijn opvolger de touwtjes nog stevig in handen. Direct na de Wende gaf hij een dringend bevel aan zijn Stasi-generaals, dat zonder tegenspraak uitgevoerd moest worden: acute vernietiging van alle dossiers die ook maar een flintertje bewijs konden herleiden. Het bevel was een onmogelijke opdracht, want zelfs alle 90.000 medewerkers hadden nog niet het volledige Stasi-archief kunnen vernietigen als ze een jaar de tijd hadden gehad.

Vandaag de dag staat het er compleet anders voor. Want zelfs al werden níet alle dossiers vernietigd, talloze zijn dat wel. Ruim 16.000 zakken met snippers, verscheurde papieren, toonbanden en meer liggen te wachten tot ze weer worden samengevoegd tot het oorspronkelijke dossier. Een ongelooflijk monnikenwerk dat in het Stasi-archief in Berlijn Lichtenberg echter dagelijkse kost is. Hier wordt het gehele archief van de Stasi geconserveerd, opnieuw geordend en uitgezocht. Waarom? Om een beeld te krijgen van het werk van de Stasi en om dossiers te herstellen voor de talloze mensen over wie ze in eerste instantie geschreven zijn. Want ook al is het bijna 30 jaar geleden dat de muur viel, talloze burgers uit de DDR leven nog dagelijks met de gevolgen van inmenging van de Stasi in hun leven.

“Stasi” is een afkorting voor het Ministerium für StaatsSicherheit der DDR en was de Oost-Duitse geheime dienst. Met hun duizenden medewerkers verzamelden zij niet alleen informatie over 16 miljoen DDR-burgers, maar ook over talloze mensen, organisaties en politieke partijen uit West-Duitsland. Ze luisterden af, bespioneerden, filmden, fotografeerden alles en iedereen en wat ze zelf niet konden uitvinden, werd via een groot netwerk aan spionnen en IM’s (burgerspionnen) vergaard. Al deze informatie werd zorgvuldig verwerkt in een uitgebreid dossier en daarna gearchiveerd. Deze duizenden dossiers vormden samen de motor achter het spionagesysteem van de Stasi. Immers: wie alles weet, kan ook alles doen.

Inmiddels weten we: er is zo’n 111 kilometer aan Stasidossiers, miljoenen documenten, foto’s, films, toondragers en meer. Het archief is in het beheer van de BStU, een handige afkorting voor “Bundesbeauftragten für die Unterlagen des Staatssicherheitsdienstes der ehemaligen Deutschen Demokratischen Republik“. Zij werken dagelijks aan het scheppen van orde in de Stasi-chaos, herstellen de talloze snippers tot nieuwe dossiers en staan burgers te woord die voor inzage in hun akte naar de BStU komen.

Het Stasi-archief: vernietiging en reconstructie

De bedrijvigheid met papierversnipperaars, brandstapels en meer ontging ook de burgerrechtenorganisaties in de DDR niet. Ze merkten dat er dagelijks talloze vrachtwagens de Stasicentrale verlieten. Bij een aantal centrales werd door de bewegingen besloten tot een wake, om de Stasi zo dag en nacht in de gaten te houden. In Erfurt leidde dit tot ertoe dat de burgerrechtenbeweging op 4 december 1989 het lokale kantoor van de Stasi bezette, om verdere vernietiging van de vele dossiers te voorkomen. Diezelfde avond gebeurde hetzelfde ook in andere Duitse steden, zoals Rostock, Greifswald en Wismar.

De nieuwe leider van de Stasi, Schwanitz, gaf daarop het bevel om de vernietiging van dossiers te stoppen. Dit lukte deels. Dit weerhield de Berlijnse burgerrechtenbeweging er overigens ook niet van om op 15 januari 1990 alsnog het Stasihoofdkwartier in Lichtenberg te bestormen. Leden van het Berlijnse Burgercomité Neue Forum nam direct de leiding en het beheer over de dossiers en het archief over. In de maanden daarna werd tijdens gesprekken over de hereniging van de DDR en BRD langzaam maar zeker duidelijk hoeveel informatie precies over West-Duitse politici bij de Stasi lag opgeslagen. Hierop probeerde de West-Duitse politiek te verhinderen dat het archief openbaar werd gemaakt. Uiteindelijk werd in juni 1990 door de Volkskammer in de DDR de wet “Stasi-Unterlagen-Gesetz” aangenomen, zodat alles rondom het ontsleutelen, verwerken, inzien en eventueel publiceren van het Stasi-archief geregeld was. Deze wet werd later in het verenigde Duitsland ook aangenomen, waarna de BStU werd opgericht.

De burgerrechtenbeweging had ineens een ongelooflijke taak, want in de Stasicentrale troffen ze een enorme chaos aan. In garages, in kelders, opslagruimtes en op talloze andere plekken werden duizenden zakken met versnipperde dossiers gevonden. Al deze zakken moesten gereconstrueerd worden. Dit bleek bepaald geen gemakkelijke taak, als je bedenkt dat tussen 1990 en 2012 er 440 zakken met elk 4000 pagina’s zijn verwerkt. Hieruit konden ongeveer 1 miljoen bladzijden gereconstrueerd worden. Tot 2007 ging dit bij gebrek aan goede techniek volledig met de hand. Joachim Gauck (de latere Bondspresident van Duitsland), die sinds 1992 directeur van de BStU was, besloot zelfs ex-medewerkers van de Stasi aan te nemen om te helpen bij het ontsleutelen van het Stasi-systeem en het immense archief. In 2007 was er dan eindelijk een speciale computer ontwikkeld, de zogeheten “Stasi-Schnipselmachine”. Dit apparaat scant alle – gelamineerde – snippers in, leest ze, zoekt naar een match met andere snellers en stelt zo virtueel de dossiers opnieuw samen. Ondanks dat het bijeen zoeken van de snippers gedigitaliseerd is, blijft het een intens traag proces.

Hoe zit het Stasi-archief in elkaar?

De Oost-Duitse Stasi bestond van grofweg 1955 tot 1990. In die 35 jaren zijn er onvoorstelbaar veel dossiers aangelegd en gegevens verzameld. Of het nou papieren aktes, foto’s, video- of geluidsopnamen of iets anders waren; alles werd keurig in dossiers gestopt en opgeborgen in een gigantisch archief. Sleutel tot al deze documenten is een ingenieus systeem van fysieke databanken, met zogeheten ‘Karteikarten‘ (in het Nederlands ‘indexkaarten’). Deze databanken zien eruit als een gigantische rolodex, met roterende bakken vol met indexkaarten in een grote ijzeren kast. De medewerkers van de Stasi zochten de hele dag naar dossiers of borgen ze weer zorgvuldig op. Bovendien moesten dossiers telkens worden in- en uitgeschreven, zodat precies bekend was wie met welk dossier rondliep. Een ongelooflijke organisatie.

Hoofdverdeling
Grofweg zat het archief destijds als volgt in elkaar :

• Actieve dossiers – Dossiers die in 1989/1990 nog open waren, bijvoorbeeld voor lopende operaties zoals spionage, onderzoek of vanwege “maatregelen”, werden in aparte kasten bewaard. Talloze van deze dossiers zijn niet vernietigd en met de indexkaarten toegankelijk. Inmiddels is van deze dossiers ruim 80 procent uitgezocht.
• Gearchiveerde dossiers – Gesloten dossiers van operaties of onderzoeken die waren afgesloten. Dit vormt het grootste deel van het Stasi-archief en hiervan is een significant deel óf vernietigd, of nog niet doorgelezen/onbekend.

Dossier-categorieën
Niet alleen het archief was onderverdeeld, ook waren er verschillende types dossiers.

1. IM-dossiers: een dossier van een “inoffizielle Mitarbeiter” (IM, een burgerspion), bestond uit drie delen. Het eerste deel was vooral persoonlijke informatie over de IM zelf, met het papier waarop de IM akkoord ging met de medewerking aan de Stasi. Deel twee was een uitgebreid dossier met alle informatie die de IM aan de Stasi doorspeelde, inclusief notities van de leidende officier die met de IM samenwerkte. En deel drie, de zogeheten “Beiakte zur Personalakte“, zat vol met bonnetjes van betalingen, premies, vakantiegeld of andere geldbedragen of voorwerpen, die de IM van de Stasi had ontvangen als beloning voor zijn of haar werk.
2. Operative Personenkontrolle (OPK): Bij de Operative Personenkontrolle ging het om dossier over het onderzoek naar een bepaalde verdenking. Vaak werden daarbij personen uitgebreid bespioneerd en in de gaten gehouden, waarvan de verslagen in dit soort dossiers terecht kwamen. Reden voor de Stasi om zo’n dossier aan te leggen was bijvoorbeeld “Verdacht auf politisch nicht konformes Verhalten“, verdenking van politiek niet-aangepast gedrag. Of daar nou daadwerkelijk sprake van was of niet, de Stasi legde zonder al teveel omhaal zo’n dossier aan en bij niet verdere verdenking werd het naar het archief verplaatst.
3. Operative Vorgang (OV): Dit was een verslag van een onderzoek op basis van een bepaalde verdenking tegen een onbekende persoon (of groep), die volgens de DDR-wetten een strafbaar feit hadden begaan of van plan waren die te begaan. Dergelijke operaties waren meestal zeer uitgebreid en langdurig. Daarom kreeg elke operatie een eigen schuilnaam, waarop ze alfabetisch werden gesorteerd in het archief. Dit komt ook voor in de film Das Leben der Anderen, waar de afluisteroperatie “OV Laszlo” wordt genoemd.

Naast deze belangrijkste categorieën, had de Stasi natuurlijk nog talloze andere manieren om dossiers te sorteren of groeperen. Al die verschillende sorteringen maakten het archief voor de Stasi bijzonder efficiënt. Helaas is dit ook de reden dat het na de Wende zo ongelooflijk lastig was voor buitenstaanders om het systeem te begrijpen.

Indexkaarten:
In grote metalen kasten, draaiden bakken met kaarten rond om hun as. Je moest aan een groot wiel aan de zijkant draaien, om de juiste bak met kaarten naar voren te halen. Deze zogeheten ‘indexkaarten’ waren voornamelijk bedoeld om informatie over personen of dossiers te bewaren, maar golden ook als sleutel tot het vinden van dossiers. De kaarten waren stuk voor stuk voorzien van weer een eigen code, die stond voor een categorie. Bijvoorbeeld F16, een sortering op voor- en achternaam, adres en meer informatie. Een andere code was F22, een alfabetische sortering op schuilnaam van OV’s, spionage- of afluisteroperaties. Ook stond er op de indexkaart vermeld welke verdenking er was, waardoor de kaart en het bijbehorende dossier waren gemaakt. Het ingewikkelde hier is dat er met gemak meerdere dossiers over bepaalde mensen of organisaties bestonden, waarbij bijvoorbeeld twee naamsdossiers onder F16 waren opgeslagen en bijvoorbeeld vier of vijf onder F22. Deze dossiers waren alleen gekoppeld via een uniek registratienummer. Deze 34 miljoen indexkaarten vormen vandaag de dag nog altijd de sleutel tot het archief, waarmee dossiers gevonden of opgezocht kunnen worden.

Audiovisuele media
Naast alle dossiers en indexkaarten met informatie, had de Stasi ook nog talloze foto’s, videos, films en toondragers opgeslagen. Niet alleen afdrukken van foto’s werden bewaard, ook negatieven, dia’s en microfilms behoorden tot dit archief. Ook werden ruim 31.300 geluidsbanden en bijna 2800 video’s, met bijbehorende aantekeningen aangetroffen.

Een rondleiding door het Stasi-archief in Berlijn

Elke maand gooit het Stasi-archief in Berlijn de deuren open voor geïnteresseerden om zo meer te leren over de Stasi en het archief met eigen ogen te bekijken. Je wordt rondgeleid door archivarissen en historici, die als medewerker aan het archief verbonden zijn. Zij vertellen je alles over de structuur en werkwijze van de Stasi, laten je een aantal ruimten zien, waaronder de ruimten met kaartenbakken, magazijnen en natuurlijk de archiefruimten zelf. In die archiefruimten zie je ook een belangrijke schifting tussen de oude dossiers (die nog niet zijn verwerkt) en talloze rekken met keurige genummerde grijze archiefboxen, waar de reeds verwerkte dossiers in terecht zijn gekomen. Tijdens het wandelen door de vele gangen, trappenhuizen en archieven ging het me toch een beetje duizelen. Het is bijna niet te bevatten hoe ongelooflijk groot het archief is en wat een tragische en tegelijkertijd fascinerende aanleiding dat heeft. Tijdens de rondleiding liggen er ook een aantal dossiers ter inzage, als voorbeeld. De inhoud van de echte dossiers is alleen voor de ogen van de medewerkers van de BStU, omdat daar vaak veel persoonlijke informatie in staat.

Bezoekers hebben de mogelijkheid om het Stasi-archief op meerdere manieren te bekijken.

Wekelijks:

  • Elke maandag om 15:00 uur, is er een gratis Duitstalige rondleiding door de tentoonstelling “Einblick ins Geheime” en het archief, deze rondleiding duurt 60 minuten.
  • De Engelstalige rondleiding door de tentoonstelling “Access to Secrecy” is wekelijks op vrijdagmiddag om 15:00 uur en duurt ook 60 minuten.

Elke twee weken:

  • Duitstalige rondleidingen door de tentoonstelling en over het terrein vinden om de twee weken plaats op vrijdag, om 11:00 uur en duren 90 minuten.
    Eerstvolgende data: 3 augustus, 17 augustus, 31 augustus
  • Engelstalige rondleidingen door de tentoonstelling en over het terrein vinden om de twee weken plaats op vrijdag, om 11:00 uur en duren 90 minuten.
    Eerstvolgende data: 10 augustus, 24 augustus
    – Verdere data zijn vooralsnog niet bekend. Kijk even in de kalender van de BStU voor meer informatie.

Groepen:

  • Groepen vanaf 8 personen kunnen op aanvraag door de weeks een rondleiding krijgen, tussen 10:00 en 18:00, waarbij ook de te bezoeken afdelingen en tentoonstellingen naar wens kunnen worden aangepast. Aanmelden kan door een email te sturen naar besuch@bstu.de, waarbij je de gewenste datum voor je groep vermeld en het aantal personen waarmee je komt. Je ontvangt van hen een bevestiging met de exacte datum en tijd.

Stasi-archief – Archiv der Zentralstelle Normannenstrasse
Adres: Ruschestraße 103, Lichtenberg
Entree: de rondleidingen zijn gratis na verplichte aanmelding.
Meer informatie: bstu.bund.de

Een persoonlijke noot: Duitsers en privacy
Ik krijg erg vaak de vraag waarom Duitsers zo enorm begaan zijn met hun privacy, waarom ze erg voorzichtig zijn op internet en social media, of waarom ze zo achtigdochtig zijn over bedrijven die gegevens opslaan (denk aan Google, FB, overheidsdiensten). Het valt me op dat Nederlanders daar vaak een beetje neerbuigend over doen, zo van: “kijk die suffe Duitsers achterlopen met hun angst voor alles”. Ik denk dat als je een beetje begrijpt wat de Stasi in DDR-tijden allemaal bijhield en hoe dit gebeurde, de Duitse kijk op privacy goed te verklaren is. Want ook al zijn de Stasidossiers van papier en bovendien erg oud, de informatie die in die dossiers staat is oneigenlijk verkregen en bovendien privé. Het feit dat de Stasi niet alleen zo ongelooflijk veel informatie verzamelde, maar ook die schaamteloos misbruikte om hun doelen te bereiken, geeft aan waarom het zo belangrijk is om stil te staan wat je met je privé-informatie en gegevens doet. De Stasi wendde al haar kennis en informatie aan om mensen te onderdrukken, tegen elkaar uit te spelen, te chanteren, te vervolgen of zonder vorm van proces voor jaren gevangen te nemen en te martelen. De Stasi was nietsontziend en ook al lijkt het lang geleden, vandaag de dag leven er nog altijd talloze mensen met de nare gevolgen van wat er toen is gebeurd. De angst dat zoiets ooit weer gebeurt, zeker nu met internet (welbeschouwd een oneindig archief), zit bij de Duitsers heel diep. Het is één van de belangrijkste redenen dat de privacywetgeving (Datenschutzgesetz) in Duitsland zeer uitgebreid en grondig is vormgegeven. Dus misschien nog een keertje extra ademhalen voor je je weer druk maakt om het gebrek aan openbare wifi, pinautomaten of elektrische OV-kaarten.

One Comment

  • Fem schreef:

    Wat een monnikkenwerk… het blijft een bizar idee dat het nog maar zo kort geleden is. (Ik bedoel, ik bestond toen al, ik heb herinneringen aan de val van de muur, maar dat zulke bizarre controle van mensenlevens tijdens mijn leven plaatsgevonden heeft is een bizarre gedachte.) Wat Duitsers en privacy betreft: ja en nee. Men is hier volslagen hysterisch op het persoonlijke vlak (ik krijg niet eens het telefoonnummer van de huismeester maar moet voor alles de huisbaas vragen), en dat is deels begrijpelijk, ook al woon ik in Hamburg. Maarrrrr: tegelijkertijd vinden Duitsers, in elk geval hier, het volstrekt normaal dat ze bij instanties en bij elke aanvraag allerhande informatie prijs moeten geven die helemaal niet relevant zijn en waar ik van ga steigeren. Als ik een bankrekening aanvraag, of zelfs een goed doel wil steunen, dan moet ik opgeven wat voor beroep ik uitoefen. Dat vind ik volstrekt onnodig en irrelevant, een inbreuk op mijn privacy. Maar Duitsers vinden mij een zeikerd als ik bezwaar maak. Op je cv je burgerlijke staat en aantal kinderen noemen: wat mij betreft een dikke ‘hell to the no’, maar ik krijg er hier vragen over. Een ijzersterke reden om ook altijd te zorgen dat je hier niet in de bijstand belandt is dat je dan per definitie onder curatele staat en dat de uitkeringsinstantie bv je huur en zorgverzekering betaalt en jij ‘leefgeld’ krijgt. Waarmee dus je huisbaas en je zorgverzekeraar meteen weet dat je geen baan hebt en een uitkering ontvangt, terwijl ze dat echt geen barst aan gaat. Ik had sowieso geen ambitie om werkloos te worden, maar toen ik dat ontdekte, was mij duidelijk: dat dus in elk geval niet. Duitsers vinden dat volstrekt normaal. Ik begrijp dat dus niet. Ik vind dat zeer ernstige inbreuken op de privacy.

Laat een reactie achter